Foto’s Defensie - Photos la Défense

Libië (beëindigd)

Algemeen

 

De operaties in Libië kaderden in de resoluties 1970 en 1973 van de Verenigde Naties. Resolutie 1973, die in de avond van 17 maart werd aangenomen door de Veiligheidsraad, liet toe aan de lidstaten om alle noodzakelijke maatregelen te nemen om de burgerbevolking en de bewoonde zones te beschermen tegen de aanvalsdreiging en gewelddaden van het Kadhafi-regime.

 

 

België

De deelname aan de operaties en de uitvoering van beide resoluties werd goedgekeurd door de Ministerraad van 21 maart 2011. Deze beslissing werd diezelfde dag door het parlement gevalideerd.

 

De Belgische deelname, zoals goedgekeurd door de Ministerraad, betrof:

·         Een detachement van zes F-16 gevechtsvliegtuigen en het noodzakelijke personeel voor hun werking.

·         Een mijnenjager (BNS Narcis, opgevolgd door BNS Lobelia) om maritieme bewakingsopdrachten uit te voeren in het kader van het opgelegde wapenembargo.

·         Een beperkte deelname in de commandostructuur (Marine en Lucht)

·         Aanwezigheid van enkele militairen in het AWACS-detachement.

 

Lucht: Operatie Freedom Falcon (opdracht van de Belgische F-16’s)

 

België droeg met zes F-16 gevechtsvliegtuigen bij aan de invoering van een zone boven Libië waarin ale luchtverkeer uitgesloten was (met uitzondering van humanitaire vluchten).

De opdracht van het detachement bestond erin om deze no-fly zone te laten respecteren, toe te zien op de naleving van het wapenembargo, maar ook om de operatie van de NAVO te steunen als ze zich richtte op de neutralisatie van luchtafweersystemen of Libische eenheden die de burgerbevolking en/of bewoonde zones bedreigden.

De Belgische F-16’s stonden sinds 30 maart 2011 onder NAVO-commando. Ze opereerden vanuit de Griekse luchtmachtbasis in Araxos. Het detachement bestond gemiddeld uit een honderdtal militairen.

 

Op 31 oktober 2011 is hun opdracht afgelopen.

Marine

Vanaf 23 maart 2011 werd er een mijnenjager van de Belgische marine ontplooid in het luik wapenembargo van de operatie Unified Protector onder NAVO-commando.

Deze mijnenjager voerde bewakings- en controleopdrachten uit in maritieme zones die het schip toegewezen kreeg. Hij voerde ook positie- en typebepaling uit van zeeschepen in zones die bepaald werden door het hoofdkwartier in Napels, Italië. Het schip nam bovendien deel aan de evaluatie van het scheepvaartverkeer en meer bepaald van grote schepen die een ongewoon of verdacht vaargedrag vertoonden, en voerde maritieme bewakingsopdrachten uit teneinde bij te dragen aan de uitwerking van een grondige RMP (Recongnized Maritime Picture).

De mijnenjager werd door de NAVO ook ingezet om de toegangswegen naar havens te ontmijnen.

België zette hiervoor eerst de M923 NARCIS in, die op 19 augustus werd afgelost door de M921 LOBELIA.

 

Na het beëindigen van zijn opdracht is deze laatste op 17 november 2011 aangemeerd in zijn thuishaven Zeebrugge.